Terwijl we de bananenplant zien opbloeien praten we over vroeger. Dat herinnert ze zich allemaal heel goed. Ze geniet van haar plantjes en zingt het liedje van de Fuchsia en spreekt dan niet van “Foeksia” maar gewoon lekker ongegeneerd hard Fúk-Siaaaa over het balkon schallen. We schieten in de lach en ik bedenk me dat zingen haar sowieso goed zal doen en dat doen we dan ook. Pa neemt haar ook nog wekelijks mee naar koor dus dat is ook heel fijn voor haar. Dan heeft ze ook meteen sociale contacten want dat is o zo belangrijk voor haar en dan gaat ze hopelijk minder snel achteruit. We hebben een vakantie geboekt, die is pas over een paar dagen, maar tegen iedereen vertelt ze dat ze vanmiddag weggaat, of net terug is. Dan gaat ze naar Rilland. Of naar Zeeuws-Vlaanderen. Ze is ook pas verhuisd en de vlek in de vloer is zelfs meeverhuisd 😉 Ze woont inmiddels al vier jaar in haar appartement, maar volgens haar nog maar enkele dagen. Achteraf gezien bedenk ik me wel dat ze na haar verhuizen al is gaan sukkelen. Het hakte erin allemaal en daar bleef ze langer in hangen dan anders. Ook het verlies van zus Marijke in diezelfde periode viel haar zwaar.
Omdat ze op vakantie moet, gaan we alvast haar tas inpakken. We gaan haar kledingkast in en daar moet nodig opgeruimd worden. Ze is haar zwemkleding kwijt en wil naar de winkel om een nieuwe maar uiteindelijk vinden we nog zes stuks voor pa en haar. Daarna ruimen we de berging op, want tijdens haar vakantie wordt de (meeverhuisde) vlek in de vloer vervangen voor nieuw laminaat. Ze laat het allemaal over zich heen komen en we schuiven gezellig alles aan de kant. De vakantie zal uiteindelijk plezierig verlopen, ik merk dat ik me ineens meer zorgen maak of het wel goed gaat met haar. De rollen gaan omdraaien. Het valt zwaar.